Woensdag 4 aug - Op sommige dagen valt het allemaal echt niet mee. Ook als je op safari bent in de gevaerlijken jungle van Tstat kan alles tegenzitten. Zo vertrok ik vandaag vol goede moed op expeditie langs de fietsroute naast de woeste Scheldestroom en na enkele honderden meters was het zover: platte band! Waarschijnlijk in een rondslingerende uitgevallen okapihoektand gereden. Omdat ik ook van mijn safaribakfiets gevallen was, ben ik me eerst even gaan laten onderzoeken in het tropisch instituut alwaar mijn safarilijf helemaal in orde bleek te zijn.


Vervolgens moest ik een fietsentovenaar zien te vinden die mijn wiel kon repareren. Niet eenvoudig, want een junglebakfiets is zo groot dat hij niet door de deur kon bij de meeste fietstovenaarshutten. Deze dag bleek al snel te verworden tot een expeditie naar een geschikte fietstovenaar. Na urenlang rondsjokken kwam ik uiteindelijk terecht bij een medicijnman die niet ver van mijn basecamp woonde en die mijn gehavende safarivoertuig op een half uurtje maakte. Ik was een blije urban camper.
Vervolgens trok ik naar het basecamp om me te verwarmen bij een kampvuurtje in het gezelschap van enkele vriendelijke inboorlingen die me steevast kwamen opzoeken, maar toen ik basecamp binnenreed werd ik overvallen door een enorme moussonregen en besloot ik verder te fietsen naar de bevriende stam van de zomerfabriek.
Daar kwam ik aan en zag meteen de opeengestapelde tentjes van het bouwwerk dat dezelfde naam draagt als ik. Even overwoog ik nog daarop de nacht door te brengen maar omwille van de tropische stortregens koos ik toch voor een warm bed in de lift van het 0-sterrenhotel met mijn knuffelleeuw alwaar ik heerlijk sliep. Al heb ik wel per ongeluk de andere slapers wakker gemaakt door een nachtelijke prot te laten die gigantisch weergalmde door de liftkoker waarvoor mijn welgemeende jungle-excuses.
betonnen junglegroeten
De Urban Camper
Geen opmerkingen:
Een reactie posten